foto door Elma Mons

“Gezelligheid staat voorop en dat straalt het orkest ook uit”

Het is een divers programma wat het CREA Orkest op een prille aprilavond in de Dominicuskerk te Amsterdam ten gehore gaat brengen. Het is de tweede avond dat ze hier spelen en het zit lekker volCREA orkest in de Dominicuskerk
met een gezellig publiek. Ouders, broers en zussen, vrienden en vriendinnen; de sfeer is amicaal en ontspannen. Tegen het indrukwekkende decor van de Dominicuskerk zit het orkest klaar en de leden hebben duidelijk zin in dit afsluitende concert van de concertreeks. Bij het CREA Orkest staat een gezonde combinatie van speelplezier en muzikaal niveau centraal. De gemiddelde leeftijd ligt wat hoger dan bij de andere Amsterdamse studentenorkesten en beginnende amateurs zitten naast ervaren orkestspelers, conservatoriumstudenten en zelfs jonge professionals. Gezelligheid staat voorop en dat straalt het orkest ook uit.

Het programmaboekje dat bij binnenkomst uitgedeeld wordt is erg leuk vormgegeven en bevat alles wat je moet weten. De programmatoelichtingen, van verschillende orkestleden, zijn uitgebreid en vlot geschreven, en bieden zowel de leek als de ervaren luisteraar goede informatie. Sympathiek is het dat de ‘biografie’ van Bas Pollard ook door een orkestlid is geschreven en geen droge feitjes bevat maar een liefdevolle impressie geeft van deze gepassioneerde dirigent. Het praatje van de PR-coördinator schrikt het publiek enigszins op. Overvol zelfvertrouwen doet zij als een reporter van sensatienieuws verslag van het repetitieproces, wat er vanavond op het programma staat en van de aanstaande tournee. Na deze lange stroom van woorden wordt Bas Pollard aangekondigd als een bokskampioen, met tromgeroffel en al.

De Tragische Ouverture van Johannes Brahms wordt ingezet en het orkest moet er duidelijk nog een beetje inkomen. Het is nog niet helemaal samen en een paar hoge violen grijpen af en toe mis. Maar het orkest weet toch een mooie warme klank te creëren, de verschillende instrumentengroepen mengen mooi en zetten een echte Brahms-klank neer. Het orkest moet wel nog een beetje op gang komen, waardoor Bas Pollard nog wat meer dan gewoonlijk staat te zwieren om het geheel op tempo te houden. Desondanks zijn de overgangen mooi en is het een zeer muzikale vertolking van dit romantische openingswerk.

“[…] het is een feestje om het orkest vol plezier te horen spelen.”

Een hele andere weg wordt ingeslagen met het volgende stuk: Iberia van Claude Debussy. Een zeskoppige slagwerksectie komt het orkest versterken en geeft meteen meer pit en power. Daar CREA Orkest speelt Iberialeent deze Franse impressie van Spaanse muziek zich natuurlijk ook uitstekend voor. Het stuk heeft veel verschillende sferen en klankkleuren, complexe ritmische overgangen en veel solistische passages. De houtblazerssectie verdient hier een eervolle vermelding voor het niveau wat ze weten neer te zetten, maar ook de rest van het orkest speelt energiek mee. De moeilijk overgangen zijn goed uitgewerkt en het is een feestje om het orkest vol plezier te horen spelen. Met een grote laatste uithaal en een harde klap wordt dit spektakelstuk afgesloten en de pauze ingeluid.

Zoals het een echt CREA-concert betaamt is er in de pauze heerlijke zelfgebakken taart van de orkestleden. De opbrengsten worden gebruikt om deze zomer een tournee naar Praag en Wenen te organiseren. Een tourneecommissie van orkestleden is al hard aan het werk om het orkest naar deze twee grootse cultuursteden te krijgen. Met goed gevulde buiken neemt het publiek zijn plaatsen in de kerkbanken weer in en de Vierde Symfonie van Carl Nielsen wordt vol overtuiging ingezet. Dit vrij onbekende stuk van de Deense componist staat niet heel vaak bij studentenorkesten op het programma. Het is een complex en intens werk, van lyrische, volkse melodieën tot dramatische uitbarstingen; orkest en publiek worden alle kanten opgesleurd. De programmatoelichting schetst een goede context maar helaas is de ondertitel van de symfonie niet helemaal passend aangegeven. ‘Muziek is leven, en als zodanig onuitblusbaar’ gaf Nielsen zijn werk mee als toelichting. Niet de symfonie is dus ‘de onuitblusbare’, maar de muziek moet ‘het onuitblusbare’ uitdrukken. Dan luister je toch even anders naar het stuk. Als luisteraar word je constant ondergedompeld in de complexe klanken van deze bijna ongrijpbare muziek. Het orkest heeft duidelijk hard gewerkt op dit stuk. Meeslepend weten ze het publiek te boeien. Verschillende solo’s komen langs en in het vierde deel maken we de groots aangekondigde ‘pauken-battle’ mee. Twee paukenisten, ieder aan een kant van het orkest, voorzien dit grootse werk van een indrukwekkende finale en ook het laag koper pakt lekker uit. Een kroon op het harde werk van dit enthousiaste orkest onder de bezielende leiding van dirigent Bas Pollard – op naar de welverdiende borrel!

“Twee paukenisten, ieder aan een kant van het orkest, voorzien dit grootse werk van een indrukwekkende finale en ook het laag koper pakt lekker uit. Een kroon op het harde werk van dit enthousiaste orkest onder de bezielende leiding van dirigent Bas Pollard.”

Renée Vulto

Renee Vulto

Renée studeerde muziekwetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en is momenteel bezig met een onderzoeksmaster aan de Universiteit Utrecht.

Hiernaast speelt zij als altvioliste mee in verschillende studentenorkesten en -ensembles.

Als freelancer werkt zij voor verschillende opdrachtgevers in het klassieke muziek veld.
Renée Vulto

Latest posts by Renee Vulto (see all)

Pin It on Pinterest